Bereikte legionellapreventieresultaten niet overboord gooien -

In de aanloop naar het TVVL Nationaal Congres Sanitaire Technieken, hekelt dagvoorzitter Eric van der Blom de kritische uitlatingen van het RIVM-Centrum Infectieziektebestrijding en Actal, het Adviescollege toetsing regeldruk, over de regelgeving voor legionellapreventie. Helemaal toevallig is dat niet, want de minister van Infrastructuur en Milieu heeft in de Beleidsnota Drinkwater aangekondigd dat dit jaar nog begonnen wordt met een beleidsevaluatie naar legionellapreventie in leidingwaterinstallaties. De uitingen van het RIVM en Actal heeft bij veel partijen tot grote zorgen en verontwaardiging geleid, weet Van der Blom.

Bij de opening van het congres gaat Van der Blom (voorzitter TVVL Expertgroep Sanitaire Technieken) dieper op de materie in. Het Adviescollege toetsing regeldruk (Actal) adviseert de regering en Staten-Generaal om de regeldruk zo laag mogelijk te maken, voor bedrijven, burgers en beroepsbeoefenaren in de zorg, onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Onlangs liet waakhond Actal in de media weten dat de rapportage van het kabinet over regeldruk rammelt. "Niet minder waar kan gesproken worden over de rapportage  van Actal zelf over de regeldruk bij legionellabeheersing, onlangs aangeboden aan de minister van Infrastructuur en Milieu. Dat rapport rammelt aan alle kanten. In dat rapport bagatelliseert Actal de risico's van legionellose", aldus Van Blom. Uit het rapport van Actal blijkt dat de opstellers ervan niet goed op de hoogte zijn van de huidige regelgeving en het toezicht daarop. Verder noemt Actal in haar rapport een aantal zaken met betrekking tot de uitvoering van legionellapreventie die allemaal onjuist zijn.  De inhoudelijke kwaliteit van het rapport is rondweg beschamend voor een adviescollege als Actal, stelt Van der Blom.

Het RIVM stelt in een recent artikel dat het leidingwater op scholen, kantoren, sportlocaties, en andere niet-prioritaire locaties legionellabacteriën mag bevatten omdat uit casuïstiek blijkt dat de kans op een legionellose via deze locaties zeer gering is. Risicoanalyses, beheersplannen en monstername zijn op niet-prioritaire locaties overbodig en niet gewenst  omdat ze kunnen leiden tot onnodige onrust, onverantwoorde investeringen en milieuschade, aldus het RIVM. Van der Blom vraagt zich af of de stelling klopt dat niet-prioritaire locaties legionellabacteriën mogen bevatten omdat uit casuïstiek blijkt dat de kans op een legionellose via deze locaties zeer gering is.  "Is het logisch te veronderstellen dat er geen legionellarisico's zijn voor personen die in een sporthal douchen en wel voor dezelfde personen die in een hotel of bepaalde zorginstelling verblijven? Een eigenaar/beheerder van een sporthal (niet-prioritaire locatie) zal toch graag willen weten of de mensen veilig bij hem kunnen douchen, net zoals een eigenaar van een zwembad (prioritaire locatie)."

Van der Blom wijst er op dat een eerste toets het voldoen van de installatie aan NEN 1006 (Algemene voorschriften voor leidingwaterinstallaties) betreft. Dit normblad wordt genoemd in het Bouwbesluit en is dus voor alle locaties/gebouwen van toepassing, zowel voor het ontwerp als beheer van de leidingwaterinstallatie.
Voldoet de installatie en het beheer aan NEN 1006 en de bijhorende Waterwerkbladen dan zijn de beheersmaatregelen voor een legionellaveilige situatie minimaal. Zijn op grond van die toetsing aanpassingen nodig, dan zijn die sowieso verplicht voor een veilige leidingwaterinstallatie en mogen de kosten daarvoor niet aan de kapstok van legionellapreventie worden gehangen.  Tijdens de zesde editie van het TVVL Nationaal Congres Sanitaire Technieken zal NEN voor het eerst naar buiten treden met de inhoud van de geheel herziene NEN 1006 die in september 2015 wordt gepubliceerd. De wijzigingen ten opzichte van de vorige versie zijn ingrijpend, zowel voor het ontwerp en de aanleg van leidingwaterinstallatie als voor de informatievoorziening in de vorm van een installatiegebonden dossier.

Informatie en aanmelden
Bezoek voor meer informatie, het volledige programma en het aanmeldformulier voor het congres, www.tvvl.nl. Het symposium vindt plaats op 10 juni a.s. in Stadshal Theater de Flint, Coninckstraat 60, 3811 WK, Amersfoort. Ontvangst om 12.30 uur en aanvang om 13.15 uur.